Op 15-06-2006 is Sam Mitchell in zijn huis in Liverpool overleden
aan de gevolgen van een hartaanval. Sam was al
enige tijd ziek. Een paar jaar geleden werd bij Sam tuberculose
geconstateerd en vanaf die tijd is het alleen maar
bergafwaarts met hem gegaan. Volgens de kenners was Sam de beste
bluesgitarist ooit in Engeland. Sam was een
verbluffende slide-gitarist met “killer licks” en bezat daarbij ook
nog eens over een goede zangstem. Sam is slechts
56 jaar oud geworden.
Interview Sam
Mitchell door Bram van Schaik uit 1999:
Bluesveteraan Sam Mitchell strijkt neer in Tiel
CULEMBORG/TIEL
'Living by playing' is al drie decennia het credo van de Engelsman Sam
Mitchell, erkend virtuoos op de slide-gitaar.
Hij was in 1971 betrokken bij de doorbraak van Rod Stewart, jamde
halverwege de 'eighties' een wilde nacht met de
Stones, was daarna acht jaar 'wereldberoemd' rockster in Denemarken en
nam onlangs een nieuw album op, zijn
eerste in 22 jaar. Dat gebeurde, 'of all places', in Tiel waar hij sinds
een jaar woont. Morgen speelt Sam Mitchell op de
zesde editie van Culemborg Blues. 'Dat komt mooi uit', moeten de
organisatoren van Culemborg Blues hebben
gedacht. 'Tielse Sam hoeft zo niet ver te reizen'. Een kleine
misrekening. Vandaag staat de Engelsman op speciale
uitnodiging van de organisator die hem hoog heeft zitten, als
openingsact op een groot Zweeds festival. ,,Ik heb een fax
gekregen van twaalf kantjes'', grijnst de Engelse bluesveteraan aan de
tafel van zijn Tielse stamkroeg Hexagon. ,,Op
het uitgebreide programma staat: 13.45-14.00 uur, Sam Mitchell. Ik vlieg
dus naar Zweden om er vijftien, hooguit
twintig minuten te spelen. Don't worry, zaterdag ben ik op tijd terug''.
Sam Mitchell (Liverpool, 1950) stamt uit een muzikaal gezin.Zijn vader,
ook Sam genaamd, speelde gitaar in Felix
Mendelsohn & His Hawaiian Serenaders die eind jaren veertig in Nederland
enkele hits hadden. In datzelfde orkest
was moeder Barbara hula-danseres 'tot wij, de kinderen, kwamen'. ,,Toen
ik de slide-gitaar ontdekte was het geen
onbekend geluid voor me'', verklaart Mitchell. ,,Het leek immers veel op
de Hawaiian-gitaar van mijn vader''. De eerste
aanzet voor een muzikale carrière kwam nadat hij een plaat van de
Texaanse gitarist Lightnin' Hopkins (1912-1982)
beluisterde. ,,In mijn jeugd was iedereen weg van de Beatles en/of
Rolling Stones. Maar ik wilde weten waar die hun
muziek vandaan hadden. Als vijftienjarige ging ik naar de bibliotheek om
alles uit te zoeken''. Eind jaren zestig liftte
Mitchell naar Londen, waar hij twee jaar de kost verdiende als
straatmuzikant. Daar had hij een onverwachte maar
tegelijk onvergetelijke ontmoeting. ,,Ik stond zoals gewoonlijk met mijn
ogen dicht te spelen en toen ik opkeek staarde
ik in de ogen van Jimi Hendrix.
Hij gaf me
tien shilling, 'old English money' ''.
Begin jaren zeventig
geraakte hij via de
Londense zanger Long John Baldry in het gezelschap van Rod Stewart. En
tekende voor de gitaarpartij op het nummer
Amazing Grace van het album Every Picture Tells A Story,
waarmee de Schotse zanger dankzij de single Maggie
May/Reason To Believe naar de wereldtop doorstootte. Er volgden
plaatopnamen met destijds in London gevestigde
grootheden als
Ralph McTell (bekend van de hit Streets of London), Kevin Ayers
(van de psychedelische band The Soft
Machine) en eerder genoemde Baldry. Sam Mitchells naam als slide-gitarist
was gevestigd en dat resulteerde weer in
tal van optredens en sessies met onder vele anderen Alexis Korner, Chris
'broer van'
Jagger, Marc 'T-Rex' Bolan,
Howlin' Wolf, Mark 'Dire Straits'
Knopfler en de Stones zelf tijdens de wilde 'Dirty Work-sessies' in 1985
in nachtelijk
Parijs.
Halverwege de jaren tachtig verkaste Mitchell naar Kopenhagen, waar hij
aanvankelijk als bluesmuzikant werkte. Tot hij
werd uitgenodigd mee te spelen op een album van The Sandmen, een Deense
rockband. Mede door zijn inbreng werd
de band 'wereldberoemd' in Denemarken. Mitchell stond in de acht jaar
bij The Sandmen liefst vijf keer op het
hoofdpodium van het Roskilde Festival, het Deense Pinkpop. ,,We klonken
toen als Oasis nu. Maar de band viel in
1994 uit elkaar omdat we elkaar letterlijk niets meer te zeggen hadden.
Later kregen we nog een enorm bedrag
geboden voor een eenmalige reünie, maar niemand wilde''. Mitchell
stortte zich weer op de blues en het was in 1997
dat hij op een Zweeds festival Tielenaar Joop Koes van het bluesmagazine
Lick ontmoette. ,,Hij vroeg me in Tiel te
komen optreden. Ik trof er Curtis Knight (door velen beschouwd als de
ontdekker van Jimi Hendrix, red.) en nam kort
daarna met hem en onder anderen Jan Akkerman het album Bluesroot op''.
Producent van die plaat was de Tielse
muzikant-producer Rob Orlemans (met zijn band Half Past Midnight
eveneens in Culemborg te zien). Orlemans vernam
dat Mitchell wegens een aflopende relatie Denemarken wilde verlaten en
bood hem woonruimte aan in Tiel. De Betuwe
blijkt inspirerend te werken want met hulp van Orlemans nam Mitchell
onlangs voor het eerst sinds 1978 weer een
solo-album op dat komende herfst bij het Duitse Taximlabel verschijnt.
Volgende week reist Mitchell voor optredens
en seminars naar het Amerikaanse Seattle, vanwaar hij de oversteek maakt
naar Vancouver in Canada. En zo blijft hij
contant in
beweging, want 'I'm a gipsy, you know'.
Zit het even tegen,
zoals wel vaker in het leven van een artiest,
verkoopt'ie een gitaar waarvan hij er altijd een stuk of zeven heeft
staan. ,,Maar nimmer deze dobro, mijn 'number one'
gitaar. Gemaakt in 1934 en in 1971 in Londen gekocht voor vierhonderd
gulden. Wat hij nu waard is? Geen idee, ik wil
hem gewoon nooit kwijt''.
|